← Terug naar artikelen · Gedrag & keuzes

Het eigen risico: slimme prikkel of dure omweg?

4-2-2026 · Gedrag & keuzes

Het eigen risico is een opvallend ontwerp. De meeste zorgkosten blijven onzichtbaar, tot je ziek wordt. En precies op dat moment verschijnt er ineens een financiële drempel. Niet vooraf, niet geleidelijk, maar als een jaarlijkse verrassing. De achterliggende gedachte is simpel: als mensen zelf iets betalen, gaan ze bewuster met zorg om. Alleen blijkt dat in de praktijk minder vanzelfsprekend dan het klinkt.

Maakt een hoger eigen risico mensen zuiniger met zorg?

In theorie wel. In het echte leven vooral onhandig.

Als je mensen confronteert met kosten, gebruiken ze gemiddeld minder zorg. Dat weten we al lang. Alleen maken mensen geen onderscheid tussen zorg die achteraf “onnodig” was en zorg die wel degelijk verstandig is. Pijn is pijn, onzekerheid is onzekerheid, en niemand staat bij een huisartsbezoek stil bij een maatschappelijke kosten-batenanalyse.

Wat je dus ziet, is geen verfijnde afweging, maar een algemene terughoudendheid. Sommige mensen wachten af. Sommigen stellen uit. Sommigen gaan helemaal niet. Dat effect is het grootst bij mensen die het eigen risico nog niet hebben “volgemaakt”. Voor mensen met chronische zorg verdwijnt de prikkel juist snel: zij weten dat ze toch wel betalen. Voor hen is het geen gedragsinstrument, maar een vaste jaarrekening.

Het eigen risico remt dus wel, maar vooral aan de randen. En juist daar begint veel zorg.

Minder zorg nu, en later de rekening?

Dat hoeft niet altijd fout te gaan, maar het risico is reëel.

Uitstel klinkt rationeel zolang klachten vaag zijn. Tot ze dat niet meer zijn. Bij een deel van de mensen leidt financiële terughoudendheid tot het missen van vroege signalen, controles of begeleiding. Dat hoeft niet direct tot rampscenario’s te leiden, maar het maakt de zorg later vaak zwaarder en duurder dan nodig was.

Daarnaast verschuift zorg. In Nederland valt de huisarts buiten het eigen risico. Dat is bewust zo ontworpen, maar het laat ook zien hoe relatief de rem werkt. De vraag verdwijnt niet, hij zoekt de weg met de minste frictie. Dat maakt het eigen risico minder een kostenbesparend instrument, en meer een herverdelingsmechanisme binnen het systeem.

Is het moreel juist om een drempel op zorg te zetten?

Hier begint het ongemak.

Aan de ene kant voelt zorg niet als iets waar je op moet “besparen”. Je kiest er niet voor ziek te worden. Een financiële drempel raakt vooral mensen met minder buffer en vergroot het risico dat noodzakelijke zorg wordt uitgesteld. Vanuit dat perspectief is het eigen risico een slecht instrument op het verkeerde moment.

Aan de andere kant is zorg ook niet gratis. Zonder enige rem groeit het gebruik, en daarmee de kosten. Het idee dat “de gebruiker iets bijdraagt” klinkt dan niet onredelijk. Zeker niet in een systeem dat betaalbaar moet blijven voor iedereen.

Het probleem is dat het eigen risico deze spanning niet oplost, maar verplaatst. Het legt de prikkel niet bij overbehandeling, inefficiëntie of aanbod, maar bij de twijfel van de patiënt.

Jong betaalt, oud gebruikt — en wie zit er op het vermogen?

De discussie wordt scherper als je kijkt naar leeftijd.

Zorggebruik concentreert zich sterk bij ouderen. Premies worden vooral betaald door werkenden. Tegelijkertijd ligt het gemiddelde vermogen juist hoger bij oudere huishoudens, onder andere door woningbezit. Dat maakt het beeld ongemakkelijk: de groep die het meeste zorg gebruikt, heeft gemiddeld meer vermogen dan de groep die het systeem draagt.

Het eigen risico fungeert in de praktijk als een soort gezondheidsbelasting, maar zonder relatie tot draagkracht. Het treft niet “de vermogende oudere”, maar iedereen die zorg nodig heeft, ongeacht inkomen of vermogen. Gemiddelden helpen hier niet; verschillen zijn groot. Dat maakt één uniforme drempel grof en vaak ongericht.

Preventie: drempel omhoog of juist omlaag?

Preventie klinkt als het toverwoord, maar botst met het eigen risico.

Als je wilt dat mensen vroeg aan de bel trekken, klachten bespreken en risico’s monitoren, helpt het niet om het eerste contact spannend te maken. Preventie vraagt lage frictie en toegankelijkheid. Juist bij twijfel wil je dat mensen wél gaan.

Tegelijk wordt vaak gedacht dat een hoger eigen risico mensen “voorzichtiger” maakt. Dat werkt alleen als mensen goede informatie hebben en de zorg echt uitstelbaar is. In de praktijk verandert voorzichtigheid vaak in uitstel, en uitstel is zelden een expliciete keuze.

Je zou kunnen zeggen: preventie vraagt om vertrouwen, een drempel kweekt aarzeling.

Korte termijn logica, lange termijn gevolgen

Er is een reden waarom het eigen risico telkens weer wordt verhoogd. Het is overzichtelijk, snel en levert direct geld op. In tijden van stijgende zorgkosten is dat politiek aantrekkelijk. Het is een knop waar je aan kunt draaien zonder het hele systeem te verbouwen.

Maar net als bij veel snelle oplossingen schuift het probleem vooruit. Het eigen risico tempert de vraag enigszins, maar doet weinig aan de onderliggende kostenstructuur. En juist daar zit de echte uitdaging.

Waar zit dan wél ruimte?

Als het doel is om zorg betaalbaar te houden, zijn er instrumenten die minder zichtbaar zijn, maar preciezer werken.

Er ligt ruimte in passende zorg: niet alles wat kan, hoeft. Kritischer kijken naar effectiviteit en doelgroepen levert structurele besparingen op zonder de toegang te verslechteren.

Er is winst te halen via substitutie: zorg dichter bij huis, minder in het ziekenhuis, meer digitaal waar dat kan. Dat vraagt organisatie, maar verlaagt kosten zonder de patiënt op kosten te jagen.

Er zit potentieel in andere bekostiging: minder betalen per verrichting, meer voor samenwerking en uitkomst. Daarmee verschuift de prikkel van volume naar waarde.

En ja, ook bij farmacie en toeleveranciers ligt ruimte: scherper inkopen, gepast gebruik, en accepteren dat niet elke nieuwe behandeling automatisch overal voor iedereen beschikbaar is.

Geen van deze routes is eenvoudig. Maar ze richten zich wel op de kostenkant van het systeem, in plaats van op de twijfel van de zorgvrager.

Conclusie

Het eigen risico is een bruikbaar instrument op korte termijn. Het levert geld op en remt de zorgvraag enigszins. Maar als structurele oplossing is het grof, ongelijk en vaak inefficiënt. Het ontmoedigt niet alleen overbodige zorg, maar ook verstandige zorg op het verkeerde moment.

Wie de zorg echt betaalbaar wil houden, zal verder moeten kijken dan de portemonnee van de patiënt. De grote winsten zitten niet in minder zorg gebruiken, maar in betere zorg organiseren. Het eigen risico is een noodrem. Voor de lange termijn zijn er slimmere sturen nodig.


Bronnen

RAND Corporation, The RAND Health Insurance Experiment – klassiek onderzoek naar kosten delen en zorggebruik.
https://www.rand.org/health/projects/HIE-40.html

RAND Corporation, Cost Sharing and Health Outcomes – samenvatting van effecten op gezondheid.
https://www.rand.org/pubs/research_briefs/RB9174.html

Centraal Planbureau, Doorrekening beleidsopties voor het eigen risico.
https://www.cpb.nl/sites/default/files/omnidownload/CPB_publicatie-doorrekening-beleidsopties-voor-het-eigen-risico.pdf

Centraal Planbureau, Toekomst voor de zorg – hoofdstuk curatieve zorg.
https://www.cpb.nl/system/files/inline-images/CPB-Boek-7-Toekomst-voor-de-zorg-Hoofdstuk9-curatieve-zorg.pdf

Nivel, Zorgmijding in Nederland.
https://www.nivel.nl/sites/default/files/bestanden/Inzicht-zorgmijden.pdf

CBS, Vermogen van huishoudens (Materiële Welvaart in Nederland).
https://longreads.cbs.nl/materiele-welvaart-in-nederland-2024/vermogen-van-huishoudens/

OECD, Netherlands Country Health Profile.
https://www.oecd.org/health/netherlands-country-health-profile

Zorginstituut Nederland, Visie op pakketbeheer.
https://www.zorginstituutnederland.nl/documenten/2023/04/11/visie-op-pakketbeheer

Zorginstituut Nederland, Doelmatigheidspotentieel van substitutie van zorg.
https://www.zorginstituutnederland.nl/documenten/2020/02/28/rapport-doelmatigheidspotentieel-van-substitutie-van-zorg-in-2022

European Central Bank, Financial Stability Review – box over margin calls en liquiditeitsdruk.
https://www.ecb.europa.eu/press/financial-stability-publications/fsr/focus/2024/html/ecb.fsrbox202405_05~d1446245f8.en.html